HERTENBRONST, elk jaar MOET ik daar even naar toe:

burl

Elk jaar in september barst er een oerspektakel uit onder de Edelherten, namelijk de paartijd of bronsttijd. De sterkste herten (geweidragers) krijgen het gezag over een roedel hinden en kalveren (kaalwild) en proberen hun sterke genen door te geven aan het volgende geslacht. Middels het luide burlen maken de plaatsherten kenbaar dat ze heerser zijn over de roedel en het gebied. De vrouwtjes blaffen bij gevaar en maken verder nog een schaapachtig geluid terwijl de kalfjes blaten.
Tijdens gevechten proberen andere mannetjesherten om de groep dames te veroveren van het plaatshert zodat zij hun genen kunnen doorgeven aan het volgende geslacht. Dat gaat er soms heftig aan toe en een enkele keer lopen ze verwondingen op, breken stukken van het gewei of komen er zelfs bij om, als ze in de flank geraakt worden.

gevecht

De dames lijkt het allemaal niet zoveel uit te maken wie de tijdelijke heerser is over hun groep. De rest van het jaar leven de mannetjes en de vrouwtjes met kalveren namelijk gescheiden van elkaar en is er in de groep vrouwelijke dieren een leidster, de zogenaamde leidhinde. Een oude en ervaren hinde die de groep stuurt en ook het dagritme bepaald. In deze periode is zij echter tijdelijk ontheven van haar zware taak.
De kalfjes die in mei zijn geboren blijven tijdens de bronst dan ook gewoon bij hun moeder en maken het complexe gebeuren van zeer dichtbij mee. De kalfjes van het jaar daarvoor lopen ook nog vaak in de groep mee. Echter de mannelijke kalfjes die na hun eerste levensjaar een klein gewei krijgen, meestal bestaande uit twee stangetjes, worden nu door de plaatsherten niet meer bij hun moeder getolereerd en worden constant weggedreven uit het roedel.

kaalwildTijdens de bronst eten de mannelijke herten niet, dat hebben ze in de voorgaande periode gedaan. Ze zijn dan ook flink in gewicht toegenomen tot zo’n 255 kilo, de vrouwtjes tot 150 kilo. De nekspieren die onder een mooie manendos zitten hebben zich flink ontwikkeld om het uitgegroeide gewei dat zo’n 20 kilo zwaar kan worden, te kunnen dragen. Het enige wat ze doen is af en toe flink drinken want ze pissen zeer regelmatig tegen hun buik. De urine heeft een sterke muskuslucht en dat is waar de dames opgewonden van raken.
flemenBinnen de groep hinden raken sommige dames paringsbereid en middels het orgaan van jacobsson in het gehemelte van de herten kunnen ze precies waarnemen welke hinde paringsbereid wordt omdat de eisprong nadert. Deze lucht nemen ze op middels het zogenaamde flemen, met opgetrokken bovenlip. Daarna volgt meestal een korte achtervolging van de hinde. Als ze er nog niet aan toe is sprint ze weg, maar zodra ze dat wel is zal ze blijven staan en volgt de paring. Vaak met tussenpozen, meerdere keren achter elkaar.
In het najaar raakt ze dan dus zwanger en ontwikkeld de vrucht zich langzaam in de voorstaande slechte voedselperiode. Tijdens de winter zet de hinde de ontwikkeling van de vrucht stil en zodra in het voorjaar de voedselsituatie zich verbeterd ontwikkeld de vrucht zich verder tot in mei de kalfjes weer geboren worden.
hinde met kalfNa de bronst vormen de herten langzaam weer een groep afgezonderd van de hinden. De gehele winter behouden ze hun gewei en pas in maart werpen de herten het gewei af. Het kost natuurlijk veel energie om de vaak zware tooi mee te torsen met een minimum aan voedsel. In de winterperiode met veel vorst en sneeuw vallen dan ook vaak veel slachtoffers vooral onder de oudste herten met het zwaarste gewei.
in de winterVanaf april/mei gaat het gewei weer groeien en komt er elk jaar aan elke stang een end (takje) bij. Ze worden dan 6, 10 of 16 enders genoemd. Het gewei is dan verpakt met een fluweel zachte huid en ruzies tussen de herten vechten ze uit met de voorlopers, het zogenaamde boksen. Het gewei mag namelijk niet beschadigen en vanaf eind juli, droogt de huid in en gaan ze het gewei schoon vegen tegen jonge boompjes tot uiteindelijk het kale gewei overblijft. Vanaf  hun tiende levensjaar, het zijn dan vaak 18-enders, kunnen ze deel gaan nemen aan de bronst.!!!
bastgewei